Inhoudsopgave
bijlagen
- toelichtingpeilenplancittersienii.pdf (2220 Kb)
- bijlage1begrenzingpeilvakkenbijtoelichtingstreefpeilenplancittersienii.pdf (3077 Kb)
- bijlage2kaartpeilvakkenbijtoelixhtingstreefpeilenplancittersienii.pdf (3759 Kb)
(geconsolideerde versie, geldend vanaf 15-3-2001)
| Overheidsorganisatie | Polderdistrict Groot Maas en Waal |
|---|---|
| Officiële naam regeling | Vaststelling peilenplannen Groesbeek, Ooijpolder en Citters I en II |
| Citeertitel | Streefpeilenplan Citters I en II |
| Vastgesteld door | algemeen bestuur |
| Onderwerp | bestuur en recht; bestuur – waterschappen; ruimtelijke ordening - waterkeringen en waterbeheer |
In week 10 van 2001 is een kennisgeving van het vaststellingsbesluit in een aantal huis-aan-huisbladen gepubliceerd.
:
19-2-2001
:
Onbekend (* zie opmerking)
Geen
| Datum inwerkingtreding | Terugwerkende kracht t/m | Betreft | Datum ondertekening Bron bekendmaking |
Kenmerk voorstel |
|---|---|---|---|---|
|
15-3-2001 |
nieuwe regeling |
19-2-2001 Onbekend (* zie opmerking)
|
Onbekend |
Datum: 17 januari 2001
Onderwerp: Peilenplannen Groesbeek, Ooijpolder en Citters I en II
Bijlage: samenvatting peilvoorstellen peilenplannen
Geacht college,
In het voorliggende voorstel wordt een beeld gegeven van hoe de bovenstaande peilenplannen tot stand zijn gekomen en wordt na een algemene inleiding een voorstel gedaan omtrent de vaststelling van de peilenplannen.
Algemeen
Groesbeek
In het peilenplan van Groesbeek is uiteindelijk een peil voorgesteld dat sterk afwijkt van het berekende optimale peil. Dit heeft alles te maken met het sterk hellende karakter van het gebied en het ontbreken van stuwtjes in de watergangen. In een sterk hellend gebied resulteert de gebruikte norm dat 10% van het gebied te nat mag zijn al snel in inundatie van de lage percelen. Inundatie wordt niet geaccepteerd en dus valt het voorgestelde peil lager uit.
Ooij
Op enkele plekken in de Oüjpolder is een peil voorgesteld dat lager is dan het huidige gebruikte peil. Dit lijkt opmerkelijk gezien o.a. de natuurfuncties in de polder. Er is echter gebleken dat om uiteenlopende redenen de peilen die in de praktijk worden gehandhaafd soms al lager zijn dan de huidige streefpeilen. In werkelijkheid gaat dus het waterpeil omhoog bij het instellen van de voorgestelde peilen.
Duitsland
Aangezien een aantal peilvakken in de Ooijpolder aan Duitsland grenst heeft het peilenplan ook effect op delen van het Duits grondgebied. Ook met de Duitsers is overleg gevoerd over de optimale streefpeilen en hieruit bleek dat het Deichverband het op dit moment nog niet mogelijk achten om een peilverhoging door te voeren, hoewel dit op basis van onze normen wel wenselijk zou zijn. Voorgesteld wordt de huidige peilen te handhaven en de mogelijkheden van een peilverhoging gezamenlijk met het Deichverband TCleve - Landesgrenze' verder te onderzoeken. Het niet instellen van het optimale peil betekent dat enkele peilvakken een lager peil hebben dan voor de functies wenselijk is.
Projecten
Met name door Staatsbosbeheer, Dienst Landelijk Gebied en de werkgroep Milieubeheer Groesbeek zijn opmerkingen gemaakt over de waterpeilen in natuurgebieden (De Groenlanden, De Bruuk en de Polder van Beek). Met deze opmerkingen is zoveel mogelijk rekening gehouden bij het bepalen van de streefpeilen, maar op dit moment zijn in de peilenplannen echter de peilen opgenomen die met de huidige beperkingen (infrastructuur) kunnen worden gerealiseerd. Voor deze gebieden lopen momenteel projecten (landinrichting of anti verdroging) waarbij gewerkt wordt naar een peil dat dichter bij het optimale peil ligt. Aangegeven is dat er in het kader van deze projecten, waar alle belanghebbende partijen onderdeel van uitmaken, nieuwe peilafspraken zullen worden gemaakt. Omdat er meerdere projecten lopen en omdat het over het algemeen meerdere jaren duurt voordat overeenstemming wordt verkregen over de waterpeilen, wordt de vaststelling van deze peilbesluiten hier niet voor uitgesteld. Indien er naar aanleiding van een integraal project peilwijzingen worden overeengekomen, zullen deze peilen middels een afzonderlijke procedure (partiële herziening) in het peilenplan moeten worden opgenomen.
Procedure
Zoals gezegd resulteert de technische analyse in een concept ontwerp-peilenplan. Dit concept is met de diverse instanties en belanghebbenden in het betreffende gebied besproken. Na aanleiding van de diverse overleggen is het concept ontwerp-peilenplan aangepast tot het ontwerp peilenplan. Dit plan is na goedkeuring in de Dijksteel vergadering van 30 oktober 2000 gedurende 5 weken terinzage gelegd bij het districtshuis en de gemeentehuizen van de inliggende gemeenten. Ook is er in die periode voor de ingelanden een voorlichtingsavond georganiseerd waarin de plannen zijn toegelicht en waarin vragen zijn beantwoord. Gedurende de terinzagelegging heeft een ieder de plannen kunnen inzien en heeft iedereen persoonlijk de gelegenheid gehad een reactie te geven op de plannen.
De terinzagelegging van de plannen was van 4 december tot 5 januari 2001. In de periode zijn zeven reacties binnengekomen, waarin met name gereageerd is op het peilenplan van Groesbeek. Door Staatbosbeheer is aangegeven dat zij een koppeling wensen tussen het peilenplan en de ruilverkaveling Groesbeek zodat anti-verdrogingsmaatregelen rondom natuurterrein De Bruuk effectiever kunnen worden aangepakt. In de andere zes reacties wordt bezwaar gemaakt tegen de mogelijk toekomstige peilverhogingen rondom natuurterrein De Bruuk.
Voorstel
Voorgesteld wordt het stuwpeil en de tekst met betrekking tot de extra stuw in peilvak 109 van het ontwerp peilenplan Groesbeek te wijzigen en de peilenplannen Groesbeek, Ooijpolder en Citters I en II vast te stellen, zodat bekendmaking kan plaatsvinden.
Na bekendmaking kan beroep aangetekend worden bij Gedeputeerde Staten. Uitgaande van het gegeven dat geen beroep tegen de plannen wordt ingesteld, kunnen deze medio april 2001 onherroepelijk zijn.
Hoogachtend,
De dijkstoel
Vaststelling peilenplannen Groesbeek, Ooijpolder en Citters I en II
19 februari 2001
HET GECOMBINEERD COLLEGE VAN HET POLDERDISTRICT GROOT MAAS EN WAAL;
gelezen het voorstel van de dijkstoel van 17 januari 2001;
gelet op de desbetreffende bepalingen van de Waterschapswet;
Het gecombineerd college voornoemd,
de secretaris-directeur, J.J.M. Knoops
de voorzitter, mr.drs. A.C.M. van Eekhout
© Waterschap Rivierenland - Proclaimer