Waterschap Rivierenland
Ga direct naar het hoofdmenu of de inhoud.
Homepage > Ons Bestuur > Besluiten > Besluiten Algemeen Bestuur > Verslag algemeen Bestuur 8 januari 2009

Verslag algemeen Bestuur 8 januari 2009

Publicatiedatum : 26 februari 2009

Deelnemers

G.N. Kok, (voorzitter), H.C. Jongmans (secretaris-directeur), G. van Aalst, P. Aan-en, A. Bassa, J. Bikker, mr. P.J.J.M. van den Bosch, J.C. Buchner, R.G.C.M. Cruijsen, W. van Dijk, A. Fernhout RA, H.G. Gertsen, M.H.M. Gremmen, J. Hak, mevrouw mr. C.T.E.M. Haubrich, S.W. Heutink, mevrouw M.E.A. van Hulsentop-van der Linden, T. Kool, R.J.M. Matser, T. Meijdam, H.M.G. Mulder, G.J.A. Nieuwenhuis, G. van Ooijen, C.G.A. de Raad, A.J. Rijsdijk, mevrouw H. Roorda, T. Stam, mevrouw E.P.E. van Steenbrugge-Spiering, A.J.H.M. van Veldhoven, drs. F.C. Vorselman, L.P.G. de Wildt en T. van der Wind

Opgesteld door

mevrouw M.J. Bot-v.d. Stelt 

1. Opening

De voorzitter opent de vergadering en heet alle aanwezigen van harte welkom. In de vorige vergadering van het Algemeen Bestuur is afscheid genomen van de leden van het vorige bestuur. Er is echter geen afscheid genomen van de taken van het waterschap. In de vorige bestuursperiode zijn de lijnen daarvoor uitgezet. De voorzitter noemt de Planologische Kernbeslissing Ruimte voor de Rivier met voor Waterschap Rivierenland een aantal dijkverbeteringsprojecten of omleggingstrajecten. Daarnaast is er de Europese Kaderrichtlijn Water met voor Waterschap Rivierenland een scala aan maatregelen voor de verbetering van de waterkwaliteit. Ook ligt er de waterbergingsopgave ter voorkoming van wateroverlast in natte perioden en de watervoorziening in droge perioden. Tenslotte noemt de voorzitter de uitwerking van het Nationaal Bestuursakkoord Water.

Het is de opgave voor de komende periode om deze taken verder uit te werken en om voor nieuwe zaken die zich voordoen nieuw beleid te ontwikkelen.

Daarnaast blijft het beheer en onderhoud een belangrijke taak voor het waterschap.

De taken van het waterschap en het beleid daarvoor zijn verwoord in het Waterbeheersplan dat nu de inspraak ingaat. Dat plan zal door dit bestuur in 2009 worden vastgesteld.

De voorzitter wenst het nieuwe Algemeen Bestuur veel succes bij het uitvoeren van de taken en hoopt op een goede samenwerking, zowel onderling als met de leiding en de medewerkers van de organisatie.

2. Installatie leden van het Algemeen Bestuur

De voorzitter geeft aan dat in de vergadering van het Algemeen Bestuur van 12 december 2008 de commissie onderzoek geloofsbrieven verslag heeft uitgebracht. Daaruit is gebleken dat alle kandidaat bestuurders ingezetenen van het beheersgebied van het waterschap zijn. Ook is gebleken dat er geen kandidaten zijn uitgesloten van het kiesrecht en dat er voor geen van de kandidaten sprake is van strijdigheid met de in de Waterschapswet genoemde nevenfuncties.

De conclusie is dat alle kandidaat-leden kunnen worden benoemd.

De voorzitter geeft aan dat voor enkele leden – gelet op de uitoefening van een nevenfunctie – de mogelijkheid van belangenverstrengeling zou kunnen ontstaan. Daarom zijn er, naast de algemene gedragscode, aanvullende afspraken gemaakt om te voorkomen dat er misverstanden ontstaan. Deze afspraken dienen door de desbetreffende personen te worden ondertekend. Het gaat om de heren Nieuwenhuis, Van den Bosch, Fernhout en Gremmen.Vervolgens worden alle leden van het Algemeen Bestuur beëdigd.

De voorzitter besluit met allen heel veel succes te wensen bij het werk.

3. Trekking stemnummer

De voorzitter trekt stemnummer 15 zodat een eventuele stemming begint bij de heer Nieuwenhuis.

4. Mededelingen en ingekomen stukken

De voorzitter deelt mede dat er geen inkomen stukken zijn. Hij doet de suggestie om in het vervolg een lijst met ingekomen stukken, die relevant zijn voor het Algemeen Bestuur, bij de agenda te voegen. Als daaraan behoefte bestaat kunnen deze stukken opgevraagd worden.

Hij deelt mede dat het Waterbeheersplan momenteel ter inzage ligt.

Verder wijst de voorzitter op het boekje dat op tafel ligt over het waterschap in de afgelopen zeven jaar.

Tenslotte geeft de voorzitter aan dat er een landelijke evaluatie van de verkiezingen plaats gaat vinden onder leiding van de Staatssecretaris. Ook binnen de Unie van Waterschappen vindt er een evaluatie plaats. Deze zal plaats vinden onder leiding van een oud-dijkgraaf. Van Waterschap Rivierenland zal de heer Knoops daaraan een bijdrage leveren als projectleider.

5. Rechtspositie Waterschapsbestuurders

De voorzitter geeft aan dat er twee onderdelen zijn die aandacht vragen. Dat is in de eerste plaats de vergoeding voor heemraden. Die is landelijk geregeld en, onafhankelijk van het aantal heemraden, gemaximeerd op vijf keer € 3487,84 bruto per maand. Dit bedrag is gekoppeld aan de regeling die voor wethouders geldt.

Voor de vergoeding voor AB-leden is een koppeling gemaakt met de vergoeding voor gemeenteraadsleden in grotere gemeenten. Het gaat daarbij om een bedrag van € 425,07 bruto per maand. Mevrouw Haubrich vraagt waarom voor de vergoeding voor DB-leden wordt uitgegaan van gemeenteklasse 8 en voor AB-leden van gemeenteklasse 12.

De voorzitter  geeft aan dat deze regeling is vastgesteld door het Ministerie van Verkeer en Waterstaat in samenwerking met het Ministerie van Binnenlandse Zaken en dat dit verschil hem ook niet duidelijk is geworden.

De vergadering stemt vervolgens in met de Verordening Rechtspositie bestuursleden Waterschap Rivierenland.

6. Aanwijzing stemopnemers

De voorzitter geeft aan dat het nog geldende reglement van orde moet worden aangepast ingevolge de wijzigingen van de Waterschapswet. In één van de volgende vergaderingen zal dit nieuwe reglement worden vastgesteld.

De dijkgraaf wijst vervolgens vier stemopnemers aan, vanuit elke (oude) categorie één:

  • Voor de categorie ongebouwd: de heer Van Veldhoven
  • Voor de categorie bedrijfsgebouwd: de heer Vorselman
  • Voor de gecombineerde categorie ingezetenen en gebouwd: mevrouw Haubrich en de heer De Wildt.

7. Aanwijzing leden college van dijkgraaf en heemraden (CDH)

De voorzitter zegt dat er vooraf formatieoverleg heeft plaatsgevonden. De heren Bikker en Matser hebben daarbij een trekkersrol vervuld. Als onafhankelijk deskundige is de heer Van den Hoonaard aangetrokken.

De heer Bikker geeft vervolgens een uiteenzetting van de procedure die is gevolgd. De opdracht was om te onderzoeken en te bewerkstelligen dat er een breed gedragen college gevormd zou worden. Ook is onderzocht hoe groot het aantal heemraden moet worden, wie de kandidaat leden zijn en wat de programmapunten zijn voor een coalitieakkoord.

Met de partijen die de coalitie zouden gaan vormen is vervolgens overleg gevoerd over de voordracht voor de DB-leden en over het coalitieakkoord. Dat laatste moet nog geschreven worden.

De heer Nieuwenhuis plaatst namens de PvdA een kanttekening bij de gevolgde procedure. Hij heeft ervaren dat op voorhand de opvatting leefde dat de PvdA en Water Natuurlijk niet beide tot het te vormen college konden gaan behoren. De PvdA betreurt dat. Op 22 december heeft de PvdA al het signaal afgegeven dat de partij het resultaat niet kan beschouwen als een robuust bestuur, dat breed wordt samengesteld. De PvdA is niet enthousiast over de resultaten van het gevoerde coali-tieoverleg en wil liever spreken van een eenzijdig samengesteld bestuur.

De heer Bikker zegt de reactie van de heer Nieuwenhuis te kunnen begrijpen. Aan de andere kant is het zo dat het aantal heemraden beperkt is en dat er in het nieuwe stelsel meer partijen zijn. Hij geeft aan dat er naar aanleiding van de signalen een voorstel is geformuleerd dat zo breed mogelijk gedragen wordt.

De voorzitter geeft vervolgens aan dat er drie varianten zijn voor de totstandkoming van het coalitieakkoord:

  • vaststelling door het Algemeen Bestuur, waarbij gemeenschappelijk wordt gesteld wat de opgave voor de komende bestuursperiode is.
  • een akkoord dat door de coalitie, dus een deel van het AB, wordt vastgesteld.
  • een akkoord dat voortkomt uit het College van Dijkgraaf en Heemraden.

a. Bepalen aantal leden

Met betrekking tot het aantal heemraden is het voorstel om uit te gaan van 6. Dat dient allereerst te worden besloten.De heer Heutink vraagt waarom er niet van 5 heemraden wordt uitgegaan.

De heer Bikker antwoordt dat met 6 leden er aan meer partijen tegemoet kan worden gekomen. Er ontstaat daarmee een breed gedragen bestuur waarbij veel partijen betrokken zijn.

De heer Rijsdijk voegt eraan toe dat Waterschap Rivierenland het enige waterschap in Nederland is waar voor 6 heemraden wordt gekozen. Dat is echter niet voor niets.Waterschap Rivierenland is een groot waterschap en heeft met veel overlegstructuren te maken. Het is beter om dat over meerdere mensen te verspreiden.

De vergadering stemt hierna in met het voorstel om het aantal heemraden te bepalen op 6.

b. Verkiezing CDH-leden

De voorzitter geeft aan dat de vergadering expliciet het besluit moet nemen over de verdeling van de zetels. Het voorstel is om voor de geborgde categorieën, dat zijn ongebouwd en bedrijfsgebouwd, uit te gaan van twee zetels en voor de categorie ingezetenen, die bestaat uit de diverse partijen, uit te gaan van vier zetels (de termen zijn ontleend aan het thans nog geldende reglement van orde).

De heer Heutink geeft aan een stemverklaring af te willen leggen. Hij vindt dat er sprake is van ‘oude wijn in nieuwe zakken’. De grootste groep stemgerechtigden, namelijk de burgers, wordt buiten de deur gehouden. Oppositie voeren past echter niet binnen en waterschap en daarom geeft hij aan blanco te zullen stemmen als signaal dat hij de gevolgde procedure en de uitkomst daarvan afwijst.

De heer Van Aalst heeft er problemen mee dat het College van dijkgraaf en Heemraden straks niet een echte afspiegeling vormt van de bevolking. In het verleden betaalden de boeren bijna alle lasten van een waterschap. Nu is dat niet meer zo en daarom is het jammer dat er niet wat meer variatie binnen het Dagelijks Bestuur komt. De verkiezing die zo meteen plaats vindt doet daarom ook geen enkel recht aan de uitslag van de verkiezingen. Hij zegt dat het ook moeilijk is om te kiezen voor heemraden terwijl er nog geen programma is.

Hij geeft verder aan dat dualisme binnen een waterschap geen rol behoort te spelen. Van de coalitie mag dan best verwacht worden dat degenen die daar niet in zitten ook actief betrokken worden. Verder geeft de heer Van Aalst aan moeite te hebben met het feit dat nieuwelingen geen enkele kans hebben om heemraad te worden.

Mevrouw Haubrich verzoekt aan de voorzitter om het Algemeen Bestuur allereerst een uitspraak te laten doen met betrekking tot de verhouding tussen het aantal geborgde en niet-geborgde zetels.

De voorzitter legt dit voor aan de vergadering, die vervolgens instemt met het voorstel om te komen tot 2 heemraden vanuit de geborgde en 4 heemraden vanuit de niet-geborgde zetels.

Vervolgens wordt overgegaan tot stemming met als volgorde: 2x geborgde zetels en 4x ingezetenen . Opgemerkt wordt dat degene wiens naam deel uitmaakt van de voordracht niet aan de stemming deel mag nemen.

Eerste zetel: voor de categorie ongebouwd – geborgde zetel – wordt voorgedragen de heer Gremmen.

Uitslag stemming:

Totaal aantal uitgebrachte stemmen : 29

  • Aantal stemmen voor de heer Gremmen: 21
  • Aantal blanco stemmen:  7
  • Aantal ongeldige stemmen:   1

Tweede zetel: voor de categorie bedrijfsgebouwd – geborgde zetel – wordt voorgedragen de heer Fernhout.

Uitslag stemming:

totaal aantal uitgebrachte stemmen : 29

  • Aantal stemmen voor de heer Fernhout: 24
  • Aantal blanco stemmen: 5

Derde zetel: voor de categorie ingezetenen wordt voorgedragen de heer Cruijsen vanuit de gecombineerde fractie Algemene Waterschapspartij/VVD

Mevrouw Haubrich stelt namens de PvdA een tegenkandidaat voor. Niet alleen het argument van een eenzijdige herkomst van de CDH-leden speelt daarbij een rol maar ook de spreiding over het werkgebied heeft daarmee te maken. Om een zo goed mogelijke spreiding te bewerkstelligen stelt de PvdA als tegenkandidaat de heer Nieuwenhuis voor, die afkomstig is uit het werkgebied van de Betuwe. Daarnaast is de heer Nieuwenhuis hydroloog en kan vanuit zijn kennis en ervaring een belangrijke bijdrage leveren. Mevrouw Haubrich geeft aan dat deze voordracht niets te maken heeft met de heer Cruijsen als collega in het Algemeen Bestuur maar wel met diens beroep en woonplaats.

Uitslag stemming:

totaal aantal uitgebrachte stemmen : 28

  • Aantal stemmen voor de heer Cruijsen: 22
  • Aantal stemmen voor de heer Nieuwenhuis: 2
  • Aantal blanco stemmen: 4

Vierde zetel: voor de categorie ingezetenen wordt voorgedragen de heer Kool, vanuit de gecombineerde fractie SGP/CU

Uitslag stemming:

totaal aantal uitgebrachte stemmen : 29

  • Aantal stemmen voor de heer Kool: 24
  • Aantal blanco stemmen:  4
  • Aantal ongeldige stemmen:  1

Vijfde zetel: voor de categorie ingezetenen wordt voorgedragen de heer Bassa, vanuit de fractie CDA

Uitslag stemming:

totaal aantal uitgebrachte stemmen : 29

  • Aantal stemmen voor de heer Bassa: 22
  • Aantal blanco stemmen: 7

Zesde zetel: voor de categorie ingezetenen wordt voorgedragen de heer Rijsdijk, vanuit de fractie Water Natuurlijk

Uitslag stemming:

totaal aantal uitgebrachte stemmen : 29

  • Aantal stemmen voor de heer Rijsdijk: 22
  • Aantal blanco stemmen: 7

De voorzitter feliciteert de gekozen leden en wenst hen veel succes bij het werk toe.

Hij geeft aan dat er nog een voorstel volgt met betrekking tot de taakverdeling onder de leden van het College van Dijkgraaf en Heemraden, de tijdsbesteding en de honorering. Dit voorstel zal op 13 februari 2009 in de vergadering van het Algemeen Bestuur aan de orde komen.

De heer Nieuwenhuis zegt eerder kritisch te zijn geweest over de samenstelling van het College van Dijkgraaf en Heemraden, maar nu de leden gekozen zijn wil hij hen van harte feliciteren. Hij geeft aan dat oppositie voeren niet past binnen de cultuur van het waterschap en daarom zal de PvdA zich constructief opstellen, al blijft de fractie de coalitie kritisch volgen.

De heer Vorselman feliciteert namens de fractie bedrijfsgebouwd de nieuwe leden van het Dagelijks Bestuur met hun verkiezing.

De heer Van Veldhoven sluit zich hier namens de fractie ongebouwd bij aan. Ook spreekt hij zijn dank uit richting de formateur, de heer Van den Hoonaard.

Ook de heer Buchner spreekt namens de SGP/CU felicitaties uit richting de nieuw gekozen leden.

De heer Mulder doet dat eveneens namens de Algemene Waterschapspartij/VVD.

Ook de heer Van Aalst feliciteert de nieuwe leden van het Dagelijks Bestuur met hun verkiezing en wenst hen veel succes met de werkzaamheden.

De heer Matser feliciteert namens het CDA de nieuw gekozen leden van het Dagelijks Bestuur en zegt hen kritisch te blijven volgen vanuit een positieve grondhouding.

De heer Hak feliciteert eveneens de nieuw gekozen leden van het Dagelijks Bestuur.

Mevrouw Roorda sluit zich hier namens Water Natuurlijk bij aan en wenst de leden van het Dagelijks Bestuur veel succes. Zij geeft aan vol verwachting uit te kijken naar het coalitieakkoord.

Ook de heer Heutink spreekt zijn felicitaties uit richting de leden van het Dagelijks Bestuur en wenst hen veel succes.

8. Invulling commissies; nadere werkwijze

De voorzitter geeft aan dat er vier commissies zullen worden gevormd:

  • de commissie Middelen,Communicatie en Regelgeving
  • de commissie Watersysteem
  • de commissie Waterketen
  • commissie Waterkeringen en Wegen.

Daarnaast zal er een soort seniorenconvent gevormd worden bestaande uit de dijkgraaf en de fractievoorzitters. De commissies geven advies aan het Dagelijks Bestuur. Deze adviezen komen altijd ter kennis van het Algemeen Bestuur.

Verder zal er een vertegenwoordiger vanuit het Algemeen Bestuur zitting nemen in de Rekenkamercommissie en het Georganiseerd Overleg.

De heer Nieuwenhuis vraagt of er voor de bezetting van het seniorenconvent een link bestaat met de commissie Middelen, Communicatie en Regelgeving. Verder geeft hij aan het maximum aantal niet benoemde Algemeen Bestuur-leden voor de bezetting van de commissies op te willen rekken, zodat de fracties meer ruimte wordt geboden.

De heer Buchner ondersteunt dit voorstel.

De voorzitter zegt dat dit voorstel eerst bekeken zal worden en dat het in de volgen-de AB-vergadering terug zal komen.

9. Rondvraag

De heer Nieuwenhuis doet namens de PvdA het verzoek om ook op het niveau van het eigen waterschap een evaluatie van de verkiezingen te houden.

De voorzitter wijst erop dat de heer Knoops al betrokken is bij de evaluatie van de Unie van Waterschappen. De suggestie van de heer Nieuwenhuis zal op de agenda van de commissie Middelen, Communicatie en Regelgeving worden geplaatst.

De heer Buchner geeft aan namens de SGP/CU er behoefte aan te hebben de vergadering toe te spreken. Hij krijgt hiertoe de gelegenheid.

‘We staan aan het begin van een nieuw en jaar en een nieuwe bestuursperiode. 2008 was een opmerkelijk jaar. Kredietcrisis en klimaatverandering waren vaak gehoorde woorden. Het rapport van de Commissie Veerman laat zien dat er flinke veranderingen zullen plaats vinden in het bijzonder op het gebied waar het waterschap voor dient te staan.

De vraag die op komt is, waar was nu de Heer in al deze nieuwsfeiten. De SGP/CU wil graag vasthouden aan de bijbelse boodschap dat God met deze wereld op weg is naar een einddoel. Zo ziet de fractie dat ook voor het werk als rentmeester in het dagelijks leven maar ook in het Algemeen Bestuur. Vandaag is een nieuw bestuur aangetreden en zijn de heemraden gekozen. De fractie meent te mogen stellen dat de gekozen kandidaten van meer dan voldoende kwaliteit zijn. De SGP/CU heeft dan ook vertrouwen in dit bestuur.

Voor anderen is deze verkiezing, met name die voor het dagelijks bestuur, anders gelopen dan verwacht. Toch hoopt de fractie op een goede samenwerking in het Algemeen Bestuur. Het gaat er ons allen om, om voor de ingezetenen een goed werkend waterschap te zijn.

De SGP/CU wenst dijkgraaf, heemraden, algemene bestuursleden, het ambtenaren-korps voor dit jaar, maar ook voor deze bestuursperiode, Gods zegen toe’.

De voorzitter dankt voor deze woorden.

De heer Van der Wind vraagt wat de motieven en redenen in de formatiefase waren om de volgorde ‘mensen – beleid – portefeuille’ te hanteren.

De voorzitter zegt daarop geen antwoord te kunnen geven. Deze volgorde heeft hij niet in de hand. Hij verwijst in dezen naar de heer Bikker.

De heer Van Aalst vraagt of de geborgde zetels bij wet zijn vastgelegd.

De voorzitter beantwoordt dit bevestigend. Ook dit aspect wordt geëvalueerd.

De heer Bassa vraagt of het waterschap zeer terughoudend wil zijn met de bemaling tijdens deze vorstperiode. De voorzitter zegt dat hier terdege rekening mee wordt gehouden.

De heer Heutink stelt voor om de evaluatie van de verkiezingen door een derde onafhankelijke partij uit te laten voeren. De voorzitter geeft aan dat de evaluatie namens de Staatssecretaris door een onafhankelijke partij wordt uitgevoerd. De evaluatie namens de Unie van Waterschappen vindt ook plaats onder leiding van een onafhankelijk iemand. Daarnaast zullen ook de verkiezingen bij dit waterschap intern geëvalueerd worden. Dit komt dan in de commissie Middelen, Communicatie en Regelgeving in eerste aanleg aan de orde.

Er zijn verder geen vragen voor de rondvraag.

10. Sluiting

De voorzitter dankt een ieder voor zijn aanwezigheid en inbreng en sluit de vergade-ring.Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van het Algemeen Bestuur van Water-schap Rivierenland d.d. 13 februari 2009De secretaris-directeur, Drs. H.C. Jongmans, De voorzitter, Ir. G.N. Kok.

 

Paginafuncties

Waterschap Rivierenland
Naar boven