Op 5 april ging een onderzoek naar vismigratie van start. Bij de Haringvlietdam zijn op die dag ruim 2500 gemerkte glasalen uitgezet. Door deze glasalen te volgen, wordt duidelijk welke reis deze vissen afleggen. En naar welke polders zij gaan om uit te groeien tot volwassen palingen. Ook is te zien of de glasalen onderweg problemen ondervinden. Het is een uniek onderzoek naar vismigratie.

Nog drie keer worden gemerkte glasalen aan de zeekant uitgezet

De glasalen hebben een klein merkje (VIE-tag). Op 22 plekken zijn detectiestations. Deze stations registreren de glasalen. Zo kunnen de onderzoekers onder andere de route van de glasalen bepalen. Met die kennis kunnen waterbeheerders het beheer van sluizen en gemalen aanpakken. Ook kunnen ze vispassages aanpassen als dat nodig is om de intrekmogelijkheden van de vissen te verbeteren.

 
Het onderzoek richt zich op een groot gebied

En gaat over de beheergrenzen van waterschappen, provincies en andere overheden. De Europese aal trekt vanaf zee via de Nieuwe Waterweg en het Haringvliet het achterland in. De onderzoekers kijken naar het gebruik van sluizen, gemalen en vispassages én de onderlinge samenhang. En dat is uniek. Begin 2023 verwachten de onderzoekers de resultaten van het onderzoek te hebben.
 

gemerkte glasalen, zij moeten de weg gaan vinden naar de poldergebieden
Gemerkte glasalen. Zij moeten de weg gaan vinden naar de poldergebieden


De waterbeheerders die aan het onderzoek deelnemen zijn: Rijkswaterstaat, Hoogheemraadschap van Delfland, Hoogheemraadschap van Rijnland, Hoogheemraadschap Schieland en de Krimpenerwaard, Waterschap Hollandse Delta, Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden, Waterschap Rivierenland en de provincie Zuid-Holland. Het onderzoek is een initiatief van het Regionaal Bestuurlijk Overleg Rijn-West waarin de acht waterbeheerders samenwerken.