De nachten na zondag worden helder en koud. De temperatuur komt onder nul. Ter bescherming van de bloesems bij nachtvorst, beregenen fruittelers hun boomgaarden. De vraag naar water stijgt, na de natte winter is er voldoende water.

Wekenlang zorgde kwel door hoogwater op de grote rivieren voor goed gevulde sloten. Daar kwam nog neerslag bij. In de fruitteeltgebieden houden we al de hele week water vast. Die gebieden liggen met name in de Betuwe, Land van Maas en Waal, Bommelerwaard en Vijfheerenlanden.

Het waterschap houdt water vast voor beregening door stuwen hoger te zetten. Zoals hier in de Betuwe.

Nachtvorst

Zonder bloesems geen fruit. Maar bloesems kunnen bij nachtvorst bevriezen. Daarom beschermen fruittelers hun boomgaarden door te beregenen met oppervlaktewater uit sloten: ze sproeien water, dat bevriest op de bloesems. Zo bevriest steeds een nieuw laagje water en blijft het binnenste van de knoppen beschermd. De beregening duurt voort tot de dooi inzet. De ijsbloesems zijn een bijzonder gezicht bij het eerste daglicht. Beregenen bij nachtvorst luistert zeer nauw en vraagt soms meerdere nachten veel water.